Artikel
2016-06-10
Interview: 'God is groter dan autisme of welk ander probleem dan ook!' ‘De waarde van het verbond is niet te onderschatten.’ Het zou een uitspraak tijdens catechisatie kunnen zijn. Hoe landt zo’n zin bij iemand met een vorm van autisme, voor wie relaties dus lastig zijn en geloofsbeleving helemaal? Pieter en Jannine zijn het eens: "Dat begrijpt iemand  met autisme niet zomaar. Dit is al moeilijk als er geen sprake is van autisme, toch?”

Een gesprek met Pieter Meun, begeleider in Juventum, een woonvorm voor jongeren met autisme en Jannine van Schothorst, co-auteur van het boek Veilig bij God (2009) - Over de invloed van autisme op geloof en kerkgang. Samen met Hanneke Schaap deed Jannine onderzoek naar de relatie tussen autismespectrumstoornissen (ASS) en geloof.

Kunnen jullie bekende uitdrukkingen noemen waarmee mensen met autisme moeite ervaren?
Jannine: "Teksten als ‘Zie, Ik sta aan de deur en ik klop’, doen bij hen vragen rijzen: ‘Waar dan? Welke deur?’ Heel goed uitleggen is belangrijk, nl. dat het gaat om de deur van je hart. Aan de andere kant: als het goed is uitgelegd, dan kan het ook houvast geven.”
Pieter, over het aannemen van Christus en gereinigd worden door Zijn bloed: "Het sterven van Christus is voor hen al heel beeldend. Zij zíen die drie kruisen voor zich staan.”
"Als het gaat over reiniging door bloed, verschilt de reactie hierop erg,” volgens Jannine: "Sommigen hebben veel moeite met hun lichaam en zij vinden dit vies. Zij vinden het soms al vreselijk om hun handen met wáter te moeten wassen!”

Pieter: "Hoe concreet de geloofsleer gemaakt moet worden, verschilt erg per persoon. De één kan beter iets aanleren dan de ander. Goed contact is hierbij belangrijk: wat is onduidelijk en wat is helder? Waar nodig moet een vertaalslag worden gemaakt. Toen ik op m’n werk jongeren vroeg of zij op dit terrein problemen ervaren, gaven ze aan dat de buitenwacht vaak meer problemen heeft met hun manier van reageren.
Veel speelt bij hen af op het niveau van weten in plaats van voelen, het zich eigen maken van bepaalde dogma’s. De achtergrond waarin ze opgroeien maakt veel verschil. De waarde van het verbond wordt per gezin ook verschillend beleefd en bezien.

Relatie
Jannine geeft desgevraagd wat typerende voorbeelden van moeilijkheden die uit haar onderzoek naar voren kwamen: "Een relatie met God bleek men zich moeilijk voor te kunnen stellen: ‘Waarom voor mij? Dat is toch voor anderen in een andere tijd?’ Dat God ook nu tot ons spreekt is heel moeilijk te begrijpen voor hen.”
Pieter vult hierbij aan, dat de Bijbelteksten uit het Nieuwe Testament veelal gemakkelijker te begrijpen zijn dan bijvoorbeeld de oorlogen van koning David. "Dat vinden ze hooguit interessant en daar houdt het op. De Psalmen en Spreuken zijn voor hen wel heel concreet en daarmee ‘goed’ te begrijpen. Gaat het om historie, dan wordt het lastiger.”

Bij geloven gaat het toch juist om een relatie?
Jannine: "Uit het onderzoek is gebleken dat mensen met autisme vaker een negatief Godsbeeld hebben dan anderen. Ze ervaren angst voor God als ‘Heerser’, voor straffen. God is niet te begrijpen en daaruit volgt onzekerheid. Deze onzekerheid ervaren zij ook vaak in normale, menselijke relaties en ‘van God weet je ook nog niet Wie Hij is en wie Hij voor jou wil zijn’.
Aan de andere kant heb ik gehoord, dat men wist dat God er altijd is. Hij is betrouwbaar, je mag op Hem steunen. Deze voorbeelden laten zien dat er ook tussen mensen met autisme grote verschillen zijn.
De Heidelbergse Catechismus spreekt over een waar geloof als een zeker WETEN en vast VERTROUWEN. Zeker weten kun je met je verstand. Het gaat om geloven in een betrouwbare God.” Pieter vult aan: "God kan écht door alles heen werken. Hij is groter dan autisme of welke andere problemen dan ook.”

Kunnen jullie nog meer uitleggen over de problemen die ervaren worden?
Jannine: "Mensen met ASS kunnen vaak heel moeilijk verwoorden wat in er in hun hoofd omgaat. Praten over gevoelens is ingewikkeld. In de omgang met anderen ervaren ze hierdoor veel spanning en stress. Er kan moeite zijn met bidden, Bijbellezen, naar de kerk gaan. Bidden is immers ‘praten tegen Iemand die je niet ziet’. Je ogen dicht doen kan heel beklemmend zijn, want daardoor lijkt het alsof je in jezelf opgesloten bent.
Een kerkdienst geeft veel prikkels: licht, geluid, de volgorde van de liturgie kan variëren of er is een andere predikant. Dit veroorzaakt heel veel spanning en onrust die niet weg kan. Het tolt rond in je hoofd, dat voelt als een kopje water dat over gaat lopen.”
Pieter: "Wij proberen onze jongeren te leren omgaan met de kerkdienst door bijvoorbeeld voor- of achterin de kerk te zitten, een stressbal mee te nemen, oordoppen in te doen, goed na te praten over de dienst, even te bewegen met de armen, etc.”

Accepteer hen!

Hoe moet de kerk hiermee omgaan? Andere catechese? Anders preken?
Jannine: "Aandacht is belangrijk. Er is geen format te ontwikkelen, want er zijn grote verschillen, net zoals in de rest van de gemeente. Het zou goed zijn om het nu en dan te agenderen en regelmatig contact te hebben met mensen die weten om wie het gaat en of er bij hen hulpvragen zijn.
Pieter: "Kijk er niet van op als zij zich even moeten ontladen door armbewegingen of door uit de dienst te lopen. Vorm samen een gemeente en probeer hen in de kerk te accepteren en aandacht te geven zoals ze zijn. Juist de kerk is een omgeving waarin zij zich aanvaard en veilig weten. De preek op zich hoeft niet te veranderen, het is beter om er thuis verder over door te spreken en uit te leggen.”

Jannine: "Er is wel eens sprake geweest van een dagboek voor mensen met autisme, maar eigenlijk gaat het er vooral om dat je zo helder mogelijk formuleert. Maar wie dien je met versluierd taalgebruik? Pas las ik iets dat ik heel mooi vond als verduidelijking van het woord goedertierenheid: Zijn eeuwigdurende goedheid en trouw. Dat helpt in het begrijpen van wie God is.”

Is het iets van deze tijd om alles en iedereen te willen aanspreken? In Bijbelse tijden zullen er  ook mensen met een dergelijke beperking zijn geweest?

"God komt ons onze beperkingen en ons kleine denken tegemoet. De wijzen vonden bijvoorbeeld via hun vak de weg naar Bethlehem. Zo sluit Hij aan bij onze leefwereld.”
Pieter: "Toch levert het zien van de sacramenten ook wel vragen op. Wat hebben wijn en brood met Jezus’ lijden en sterven te maken? Waarom wordt maar een beetje water gebruikt bij de doop? Het gaat toch om wassen?”

Verbond als houvast: God is betrouwbaar
Tot slot nog wat voorbeelden.
Hoe zou jij verduidelijken ‘Christus, Die ons leven is’?
Jannine: "Daar moet ik even over nadenken.” Na enige tijd: "Hij staat centraal in je leven. Je hebt Hem als Verlosser leren kennen. Hij leidt je elke dag.”

En het verbond? Hoe zou je dat uitleggen?
"God, die naar je toe komt terwijl je heel klein bent en dan zegt: "Ik wil jouw God zijn. Daarvan mag je zeker zijn.”
En aan een havo-leerling? "Exact hetzelfde, maar dan zou ik er mogelijk meer op doorgaan.”
Pieter: "Als de dominee een voorbeeld geeft voor de kinderen, luisteren de ouderen ook altijd goed mee toch?”
Jannine: "Juist als je moeite hebt om God te ervaren in je leven kan je aan het verbond houvast hebben. Je acht God dan betrouwbaar op Zijn Woord!”

Tanneke Diepenbroek-Walhout





 


Abonneer u nu op de RSS-feed van De Wekker