Artikel
2017-07-07
Nader bekeken: Dankbaar voor de tweede dienst Door A. Th. van Olst

In een groeiend aantal gemeente loopt het bezoekersaantal van tweede dienst op zondag terug. Sommige kerkenraden besloten tot afschaffing van de tweede dienst. Als predikant en als vader ben ik dankbaar voor de tweede dienst op zondag. Dat ben ik altijd al geweest, maar nu we in Vlaanderen wonen, ben ik er meer over na gaan denken. Hier heeft de tweede dienst geen geschiedenis behalve in gemeenten met Nederlandse wortels. Het kerkbezoek in onze tweede dienst is beduidend minder dan in de ochtenddienst. Waarom wil ik me tot het uiterste inspannen om deze dienst te behouden, en bid ik dat het kerkbezoek in de tweede dienst gaat groeien?

Ik weet wel dat er op veel plaatsen in de wereld maar één dienst op zondag gehouden wordt. Er ligt geen goddelijk gebod om twee diensten te houden. Er zijn er wel die verwijzen naar het morgen- en avondoffer en dat vind ik een prachtige gedachte, maar het gaat te ver om er een goddelijk gebod tot twee kerkdiensten in de lezen.
In Hebreeën 10: 25 staat dat we de onderlinge bijeenkomst niet moeten nalaten. Deze tekst zegt echter niet dat de gemeente twee keer moet samenkomen. Als de kerkenraad echter twee diensten belegt, is het wel belangrijk om jezelf bij deze tekst de vraag te stellen of het goed is om je plaats leeg te laten.

Om vooral de volgende drie redenen ben ik dankbaar voor de tweede dienst en zou het mij zeer aan het hart gaan mocht de tweede dienst hier ooit verdwijnen.

1. Zondagsheiliging

De tweede dienst is een geweldige hulp bij de heiliging van de zondag.
De zondag wordt in de Bijbel de ‘dag van de Heere’ genoemd. Het was juist op deze dag dat de Heere aan Zijn discipelen verscheen (Joh. 20: 26). Deze dag mogen we als een bijzondere dag invullen en heiligen. Het is de dag bij uitstek om de Heere te ontmoeten met Zijn gemeente.
Het is niet alleen als predikant, maar ook als vader van een gezin dat ik dankbaar ben voor de tweede dienst. Het heiligen van de zondag is in een gezin niet altijd gemakkelijk. We hoeven en mogen niet wettisch met de zondag omgaan. Er mag heel veel op deze dag. Maar soms zeggen we als gezin: dit of dat doen we niet, om te helpen het bijzondere karakter van de zondag te bewaren. We willen graag dat de zondag als een feestelijke dag ervaren wordt. Tegelijk leren we onze kinderen dat het dienen van de Heere niet alleen kan rusten op de vraag wat wij fijn vinden en waar wij behoefte aan hebben. We dienen de Heere dienen ook in gehoorzaamheid. Dat vraagt ook offers, en waarom zou dat niet mogen gelden voor de zondag?
Dat we twee keer naar de kerk mogen gaan is een geweldige hulp bij het vieren van de zondag. We mogen de zondag invullen rondom de kerkdiensten. We hebben als ouders daarin een grote verantwoordelijkheid, maar zijn dankbaar dat we daarbij de gelegenheid hebben om twee keer naar de kerk te gaan.
Er zijn begrijpelijke redenen waarom gemeenteleden de tweede dienst (of de eerste) niet kunnen bezoeken. Soms speelt de grote afstand tot de kerk een rol. Ik denk echter dat achter de verminderde opkomst in de tweede dienst vaak een veranderde visie op de zondag schuil gaat. Is mijn indruk juist, dat bij velen die enkel de ochtenddienst bezoeken het bijzondere karakter van de zondag als dag van de Heere ongeveer voorbij is als ze thuiskomen uit de dienst? Ik denk dat het goed is om dit punt aan de orde te stellen als er binnen gemeenten en gezinnen gesproken wordt over de zegen van de tweede dienst: Wat verliezen we als we de zondag niet meer heiligen als de dag van de Heere? Het is goed om op te merken dat er een nauw verband is in de kerkorde tussen het ‘minstens’ houden van twee kerkdiensten en het heiligen van de zondag als de dag des Heren, naar Gods wet (art. 64 en 67 K.O.).

2. Geestelijke groei
Als tweede reden wil ik het verlangen naar geestelijke groei aandragen. Dat mag je ook het verlangen naar het Woord van de Heere, omgang met God, of het verlangen naar groei in de genade en kennis van de Heere Jezus Christus noemen (naar 2 Petrus 3: 18).
Het is een kwetsbaar argument. Want verlangen naar het Woord van de Heere is niet gelijk aan het bezoeken van de tweede kerkdienst. Het zou te snel gaan om gemeenteleden die de tweede dienst niet of onregelmatig bezoeken verlangen naar geestelijke groei te ontzeggen. Je zou aan andere mogelijke bezwaren voor het bezoeken van de tweede dienst voorbij kunnen gaan.
De zondag is ondertussen wel bij uitstek de dag om te groeien in de kennis en genade van de Heere en gevormd te worden door Zijn Woord en Geest. De tweede dienst is vaak ingevuld als leerdienst. Het onderwijs in de Schrift en in de leer krijgt een bijzondere plaats. De kerkorde wijst daarbij in het bijzonder op het onderwijs vanuit de Heidelbergse Catechismus (art. 68). Zo biedt de tweede dienst verdiepend onderwijs. Laat het dan (zeg ik tegen mijzelf) ook zo zijn, dat de tweede dienst de moeite van het komen waard is en dat gemeenteleden het gevoel krijgen iets wezenlijks te missen als ze niet (kunnen) komen.
Zonder elkaar te veroordelen is het goed om elkaar op dit punt te bevragen. Ga je naar de tweede dienst uit gewoonte, of uit verlangen de Heere te dienen en te kennen en hoe blijkt dat op de andere dagen van de week? Is het verminderde kerkbezoek in de tweede dienst nu iets waar jullie je als gemeenteleden en kerkenraad zorgen over maken, omdat er mogelijk een geestelijk probleem achter schuil gaat? Als de tweede dienst niet als meerwaarde ervaren wordt waarin geïnvesteerd wordt, zou dat iets kunnen zeggen over het verlangen naar geestelijke groei of het gebrek eraan?

3. Eredienst
Een ander punt dat voor mij meeweegt is het bijzondere karakter van de eredienst. De tweede dienst op zondag is niet te vervangen door een kring, Bijbelstudie of groeigroep. Het is voor veel kerkenraden een zorg minder als het verminderde bezoek van de tweede kerkdienst gepaard gaat met bloeiende Bijbelstudiekringen door de week. Ik kan dat goed begrijpen, al valt het mij op dat de meeste mensen die in onze gemeente de Bijbelstudiekring bijwonen, ook de beide diensten op zondag bezoeken.
Een eredienst is een bijeenkomst van heel de gemeente, ook als niet iedereen komt. Er is geen specifieke doelgroep. In die eredienst is er een liturgie, een orde van dienst. Dat is niet om formeel te doen, maar om te onderstrepen dat het niet zomaar om een samenkomst gaat, maar om de ontmoeting met de Heere. De gemeente luistert naar Zijn Woord en antwoordt in lied en gebed, gaven en geloofsbelijdenis. De eredienst hoeft niet heel formeel aan te voelen, maar liever ook niet te informeel. Het is geen onderonsje van gelovigen die zelf graag samenkomen. De Heere roept Zijn gemeente samen! Het bijzondere karakter van de eredienst wordt niet altijd gezien of begrepen in de gemeente. Het is belangrijk er onderwijs over te geven.

Het besef dat de kerkdienst een eredienst is, is een goed medicijn tegen de gedachte dat ik naar de kerk ga omdat de dienst mij aanspreekt of omdat ik kan overzien waarom het goed of belangrijk voor mij zou zijn. De dienst is ook meer dan de preek alleen, hoe belangrijk die ook is. De beide diensten op zondag zijn erediensten. Het is worship in de zuiverste vorm. Het gaat om de eer van God en om het heil dat Hij geeft en waarvoor wij de Heere prijzen.
Daarom dank ik iedere zondagmiddag dat ik het voorrecht heb om naar de kerk te gaan. Ook als ik het verlangen nog niet zo had. Het is goed om dicht bij God te zijn (Ps. 73: 28).

Ds. A.Th. van Olst is predikant te Antwerpen-Deurne en lid van de redactie

 


Abonneer u nu op de RSS-feed van De Wekker