Skip to main content

Van baby tot bejaarde, in de kerk komen mensen van alle leeftijden samen. In deze serie gaan we met de generaties in gesprek. Dit keer spreken we met Klaas van Belzen (28). Hij werkte in de zorg, daarna in de zalmindustrie, deed douanezaken, had een kantoorbaan, maar kwam na drie jaar toch weer terug in de zorg. Deze zomer hoopt hij te beginnen als verpleegkundige in het AMC. Klaas woont thuis bij zijn ouders en is de tweede van zes kinderen. Hij is lid van de CGK ‘Maranatha’ te Urk.

“In groep acht kwam ik erachter dat ik niet naar meisjes keek, zoals de jongens dat deden. Ik voelde mij anders, maar ik wist niet wat dat ‘anders’ was. En als niemand je dat vertelt of uitlegt, dan ben je wel op jezelf aangewezen. Op school en in de kerk werd er niet over gesproken. Ik hield het heel lang voor mezelf.”

“Ik was 23 of 24 jaar toen ik aan mijn vrienden durfde te vertellen dat ik andersgeaard was. Ze waren niet verrast, maar zeiden zoiets van: ‘Dat wisten we al’. Er veranderde niets in hun houding tegenover mij, ze bleven mijn vrienden. Dat gaf mij vertrouwen om het ook aan anderen te vertellen.

Een jaar later vertelde ik het aan mijn moeder. Ze begon heel hard te huilen toen ze het hoorde. Niet zozeer omdat ik ‘anders’ was, maar meer omdat ze toen ook wist dat ik nooit vader zou kunnen worden. Ze weet dat ik veel van kinderen houd. Dat is nog steeds mijn grootste strijd die ik daarmee heb. Niet eens het feit dat ik andersgeaard ben, maar gewoon dat ik nooit kinderen zal krijgen.

Ik heb eens aan de dominee gevraagd of hij tijdens een doopdienst ook wil bidden voor de andersgeaarden. Meestal wordt er wel gedacht aan stellen die geen kinderen kunnen krijgen. Maar ook mensen die alleen in het leven staan kunnen het daar heel moeilijk mee hebben. Een man en vrouw hebben nog elkaar, maar mensen zoals ik staan daarin helemaal alleen. Ik vind het moeilijk om tijdens een doopdienst een vader voor in de kerk te zien staan met een kind in zijn armen. Psalm 105 vers 5 kan ik nooit hardop meezingen.”

Herkenning
“Een bijzonder moment voor mij was de kerkdienst waarin ik geloofsbelijdenis deed. De gemeente zong Psalm 84 vers 1: ‘Hoe lieflijk, hoe vol heilgenot, o HEER, der legerscharen God, zijn mij Uw huis en tempelzangen!’ De dominee preekte in de belijdenisdienst over de Emmaüsgangers, over het belang om echt de Bijbel te openen. Lees veel in je Bijbel. Dat is belangrijk voor geestelijke groei. De Emmaüsgangers zeggen het later ook tegen elkaar: ‘Was ons hart niet brandende in ons, als Hij tot ons sprak op de weg, en als Hij ons de Schriften opende?’

De tekst die ik meekreeg, was 1 Johannes 4 vers 10: ‘Hierin is de liefde, niet dat wij God liefgehad hebben, maar dat Hij ons lief heeft gehad en Zijn Zoon gezonden heeft tot een verzoening voor onze zonden.’

‘Psalm 105 vers 5 kan ik nooit hardop meezingen’

Op zondag vind ik het heerlijk in de kerk. Het is voor mij als ademhalen, je krijgt geestelijk voedsel mee voor de hele week. Geloven betekent voor mij dat ik mijn vertrouwen op de Heere mag stellen. Dat Hij mijn weg zal leiden, mij bijstaat in tegenheden en mij zal bemoedigen. Als je je vertrouwen op de Heere mag stellen, geeft dat rust voor het heden, hoop voor de toekomst en uitzicht door het werk van Christus. Wat je ook mee zult maken, Hij zal het voor je voleinden.

Ik zit op een Bijbelstudiegroep. Echt een heel fijne club, al vanaf het begin. Zelf ben ik catechesementor van een grote groep jongeren. Ik heb drie verschillende groepen: 12/13-, 13/14- en 18-jarigen. Jongeren onderwijzen is het mooiste werk dat er is in de kerk. Verder ben ik zondagsschoolmeester en geef ik leiding aan het kerkkamp van de dertienplussers. Ook ben ik aangesloten bij De Schakel, dat is de bezoekgroep binnen onze kerk, en zit ik in het pastorale team, samen met de predikanten en de jeugdpastor. Dat doe ik voor jongeren die andersgeaard zijn. Je hebt dan een stukje herkenning, je weet zelf wat het is.

Al met al doe ik dus best wel veel in onze gemeente, maar dat zie ik als mijn roeping.
Ik heb mij ook afgevraagd: waarom legt God de andersgeaardheid op mijn schouders? Ik heb het aan de Heere Zelf gevraagd en Hij gaf ook antwoord. Ik las het gedeelte over Paulus waarin hij wenst dat alle mensen waren zoals hij. Juist omdat hij vrijgezel was, kon hij zijn hele leven in de dienst van de Heere stellen. Hij hoefde geen verantwoording af te leggen tegenover een vrouw en kinderen.”

Mezelf zijn
“Ik ben aangesloten bij Hart van Homo’s, een geweldige organisatie. Ze werkt kerkbreed en geeft verbinding, ondersteuning en toerusting. Daarnaast heb je zicht op elkaar. Je vraagt aan de ander hoe het is. Twee keer per jaar komen we samen in Bilthoven. Dan hebben we een thema-avond of toerustingsavond. We leren over Gods wil in ons leven, hoe we elkaar kunnen bemoedigen en hoe we het alleen-zijn kunnen volhouden.

‘Ik heb het aan de Heere Zelf gevraagd en Hij gaf ook antwoord’

De geschiedenis van Jozef vind ik een mooi Bijbelverhaal. Vanaf het moment dat hij door zijn broers in de put wordt gegooid tot aan het moment dat hij onderkoning wordt, zijn het dertien jaren van beproeving geweest. Toch heeft hij in die jaren zijn geloof niet verloren. Hij kon later zelfs tegen zijn broers zeggen: ‘U hebt kwaad tegen mij gedacht; maar God heeft dat ten goede gedacht.’ Psalm 138 vers 4 is zo’n beetje mijn lijfpsalm. In een van de dieptepunten van mijn leven was deze psalm een antwoord van de Heere. Hij zal Zijn werk voor mij voleinden. Ik hoef het niet zelf te doen.

Veel lezen in de Bijbel is erg belangrijk. Wat stille tijd betreft schiet ik echter nog weleens tekort. Het valt niet altijd mee om daar ruimte voor te maken. Wel mag ik ’s avonds graag een preek luisteren en mij daarin verdiepen. Bij de voorbereiding voor de catecheses ben ik ook veel bezig met het Woord.

Ik ben dankbaar voor mijn familie en vrienden. Ik zie ze bijna elke dag. We hebben een hechte band. Bij hen kan ik echt mezelf zijn. Ik ben ook dankbaar dat ik mag zien dat God doorgaat met Zijn werk. De Heere Jezus heeft gezegd dat wie Hem wil volgen, zichzelf moet verloochenen en zijn kruis op zich nemen. Als ik mij richt op God en de dingen van Hem, heb ik ook geen last van mijn ‘anders’ zijn. Dan word ik daar bovenuit getild. Dan geniet ik echt van het werk in Zijn Koninkrijk.”

Lijkt het u of jou ook leuk om geïnterviewd te worden voor deze rubriek? Mail dan naar Jannemarie Vierbergen (jmvierbergen@dewekker.com).

Weergaven: 0