Skip to main content

In mijn lijstje meest geluisterde muziek van het afgelopen jaar stond BWV 82 bovenaan: ‘Ich habe genug’. Op de terugreis in de auto, na een dagje pastoraat en catechisatie, komt het luisteren naar deze muziek voor mij dicht in de buurt van een avondgebed. Met open ogen, dat wel. Bach maakte deze muziek bij de lofzang van Simeon. Simeon zingt over het heengaan in vrede omdat hij de zaligheid van God heeft gezien. Dan heb je genoeg.

In de brieven van het Nieuwe Testament lezen we af en toe het woordje tevreden. Zo staat het in nieuwere vertalingen. De Statenvertaling gebruikt het woordje vergenoegd. Dat is genoeg hebben aan. Het Griekse Bijbelwoord verwijst terug naar een begrip van oude filosofen. Dan gaat het over een mens die in zichzelf voldoende mogelijkheden heeft. Hij heeft niemand anders nodig. Hij is volstrekt autonoom en zelfvoorzienend in mogelijkheden en gevoelens. Hij heeft genoeg.

In Filippenzen 4: 11-13 spreekt Paulus over het aankunnen van alle dingen. Daarbij gebruikt hij ook dit woord voor genoeg hebben aan. In alle verschillende omstandigheden heeft Paulus genoeg. Maar hij haalt de kracht niet uit zijn zelfbewustzijn of eigen mogelijkheden. Wel uit Christus. Het oude filosofische begrip krijgt een nieuwe christelijke inhoud. Alle verlangens en verwachtingen van een mens worden vervuld in de ontmoeting met Christus.

‘Genoeg van Christus’

Hij werd arm om ons rijk te maken. Deze Christus zet ons wereldje op zijn kop. Volgens Paulus heb je aan Hem voor altijd genoeg in tijden van overvloed en gebrek. ‘Ik habe genug’ is geen treurige klaagzang van iemand die levensmoe is. Met uitzicht op het sterven krijgt de muziek zelfs een vreugdevol dansachtig ritme. De dichter heeft genoeg in het leven gekregen. Hij heeft uitzicht op nog meer. Meer van Christus. Wat er ook op jouw kerstmenu staat dit jaar, er is genoeg. Genoeg van Christus. Meer heb je niet nodig.

Weergaven: 49